Pages Navigation Menu

Wat is er na de waarheid (islam) behalve de verkeerde weg? (sjiisme)

De biografie van de derde rechtgeleide kalief: Uthmaan Ibn ‘Affaan

480px-Rashidun_Caliph_Uthman_ibn_Affan_-_عثمان_بن_عفان_ثالث_الخلفاء_الراشدين.svgNelumno_nucifera_open_flower_-_botanic_garden_adelaide2

De derde rechtgeleide kalief: Uthmaan Ibn ‘Affaan
Naam: ‘Uthmaan Ibn ‘Affaan Ibn Abie al-‘Aas, de leider der gelovigen, Abu ‘Amr en
Abu ‘Abdellaah. Hij werd zes jaar na het Jaar van de Olifant geboren. Hij was één van
de eerste bekeerlingen en degene die twee keer emigreerde. Hij emigreerde naar
Abessinië en daarna naar Medina. Abu Bakr was degene die hem tot de islam
uitgenodigde. Ibn Ish’aaq zei: ‘Hij was een van de eersten die zich tot de islam
bekeerden, na Abu Bakr, Ali en Zayd Ibn H’aarithah.’ Ibn Sa’d verhaalde dat
Uthmaan Ibn Affaan door zijn oom, Al-H’akam Ibn Al-‘Aas, gevangen werd
genomen. Hij bond hem vast en zei tegen hem: ‘Wend jij je af van de religie van jouw
voorouders en omarm je een nieuwe religie? Bij Allah, ik zal jou niet met rust laten
totdat jij datgene verlaat waar jij je op bevindt.’ Uthmaan zei: ‘Bij Allah, ik zal het
nooit verlaten en zal er nooit afstand van nemen.’ Toen Al-H’akam zag dat hij
standvastigheid was in zijn religie, liet hij hem gaan.
Hij wordt ook Dhoe An-Noerayn (de man met de twee lichten) genoemd omdat hij in
totaal met twee dochters van de boodschapper van Allah, vrede zij met hem, was
getrouwd. Hij trouwde met Roeqayyah de dochter van de boodschapper van Allah
voor het profeetschap van de boodschapper van Allah, maar zij stierf ten tijde van de
slag van Badr. Zij baarde Abdullah en ‘Amr voor hem. De boodschapper van Allah,
vrede zij met hem, liet hem daarna met zijn dochter Oem Kalthoem trouwen.
Vervolgens stierf zij in het jaar 9 na de Emigratie. De geleerden zeiden dat niemand
bekend stond om het feit dat hij met twee dochters van een profeet was getrouwd,
afgezien van Uthmaan. Tijdens de pré-islamitische periode was hij één van de beste
mensen onder zijn volk en genoot hij veel aanzien bij hen. Hij was rijk en toch
bescheiden. Zijn volk hield veel van hem en had respect voor hem. Hij had nooit een
afgod aanbeden of ontucht begaan, en nooit iemand onrecht aangedaan.
Uthmaan was niet kort en niet lang, had een knap gezicht, grote baard, donkerbruine
huidskleur, dikke gewrichten en was breedgeschouderd. Abu Amr Ad-Daanie zei: ‘Hij
las de Koran voor aan de profeet, vrede zij met hem, en Abu Abderrahmaan AsSulamie
las de Koran voor aan hem zoals ook Al-Mughierah Ibn Abie Shihaab, Abu
Al-Aswad en Zirr Ibn H’ubaysh dit hebben gedaan.’ Ondanks de aanzien die hij onder
zijn volk genoot, werd hij lastiggevallen nadat hij zijn bekering tot de islam openlijk
had gemaakt. Nadat zijn volk de hoop dat hij terug zou keren naar het polytheïsme
hadden opgegeven, lieten zij hem vrij waarop hij samen met zijn echtgenote naar
Abessinië emigreerde.
Uthmaan, moge Allah tevreden met hem zijn, heeft alle veldslagen meegemaakt,
afgezien van de slag van Badr. De boodschapper van Allah liet hem namelijk achter
in Medina, zodat Uthmaan bij Roeqayyah kon blijven nadat zij ziek was geworden.
Zij stierf een aantal dagen na de slag van Badr. Vervolgens trouwde Uthmaan met
Oem Kalthoem de dochter van de boodschapper van Allah, vrede zij met hem. En
daarom werd hij Dhoe An-Noerayn genoemd. Zijn deugden
Toen de slag van Taboek aanbrak, bevonden de mensen zich in moeilijke tijden. De
oogsttijd brak aan waardoor het nog moeilijker werd om ten strijde te trekken. De
boodschapper van Allah spoorde de mensen aan om giften te geven omwille van
jihad. Hij, vrede zij met hem, zei: ‘Wie hen bewapent, zal door Allah vergeven
worden.’ Uthmaan bracht daarop duizend dinars en goot het uit in de schoot van de
profeet, vrede zij met hem. De profeet zei daarop: ‘Geen enkele daad zal Uthmaan
deren na vandaag.’ Hij bewapende het leger en voorzag hen zelfs van koorden en
touwen. Ibn Shihaab Az-Zuhrie zei: ‘Uthmaan voorzag het Noodlijdende Leger voor
de slag van Taboek van 940 kamelen en 60 paarden. Hij vervulde daarmee de 1000.’
Al-Bukhaari zei: ‘De profeet, vrede zij met hem, zei: ‘Wie de put van Roemah graaft,
krijgt het paradijs,’ waarna Uthmaan het groef. Hij zei ook: ‘Wie het Noodlijdende
Leger bewapent, krijgt het paradijs,’ waarna Uthmaan hen bewapende.’ Anas
verhaalde dat de boodschapper van Allah zei: ‘De meest barmhartige persoon van
mijn natie voor mijn natie is Aboe Bakr; de meest strikte in de religie van Allah is
Omar; de meest oprechte in zijn schaamte is Uthmaan.’ Overgeleverd door AtTirmidhi.
Abu Moesaa Al-Ash’arie zei: ‘…vervolgens kwam iemand anders om
toestemming vragen. Hij (de profeet) was een tijdje stil en zei daarna: ‘Geef hem
toestemming en verblijd hem met het paradijs dat gepaard zal gaan met een
beproeving dat hem zal treffen.’ En het was Uthmaan Ibn Affaan.’ Overgeleverd door
Al-Bukhaari en Muslim.
Ibn Oemar zei: ‘Tijdens het tijdperk van de profeet, vrede zij met hem, waren wij
gewoon te zeggen: ‘Abu Bakr en daarna Oemar en daarna Uthmaan.’ Overgeleverd
door o.a. Al-Bukhaari. Ibn Mas’oed zei nadat zij Uthmaan trouw hadden gezworen:
‘Wij hebben de beste onder ons trouw gezworen, en wij zijn daarin niet
tekortgeschoten.’ Het is via diverse authentieke ketens overgeleverd dat Uthmaan de
gehele Koran in één rak’ah had gereciteerd. In de maand Dhoe Al-Qi’dah van het
zesde jaar na de Emigratie vertrok de profeet, vrede zij met hem, vanuit Medina
richting Mekka om de Oemrah te verrichten, maar hij werd tegengehouden door de
polytheïsten. Vervolgens sloot de boodschapper van Allah, vrede zij met hem, een
akkoord met hen. De boodschapper van Allah stuurde toen Uthmaan Ibn Affaan naar
Mekka als zijnde zijn afgezant om de polytheïsten te vertellen dat hij, vrede zij met
hem, niet was gekomen om te vechten, maar om de Oemrah te verrichten.
Het khalifaat van ‘ Uthmaan
In de biografie van Omar Ibn Al-Khattaab hebben wij vermeld hoe Uthmaan Ibn
‘Affaan tot kalief werd gekozen. Omar Ibn Al-Khattaab werd in de maand Moh’arram
begraven in het jaar 24 H. Uthmaan verleende ‘Oebaydoellaah Ibn Oemar gratie,
nadat Oebaydoellaah Al-Hurmuzaan, Djufaynah en de dochter van Abu Loe’loe’ah
had gedood als vergelding voor de moord op zijn vader, Omar Ibn Al-Khattaab. Als
staatshoofd had hij de bevoegdheid om over hem te oordelen. Na overleg met
sommige metgezellen zei hij: ‘Ik ben hun vertegenwoordiger (d.w.z. van degenen die
door Oebaydoellaah gedood werden) en ik oordeel dat zij schadevergoeding dienen te
krijgen. Ik zal dat zelf met mijn eigen vermogen betalen.’ In dit jaar werd Ar-Ray, door Abu Moesaa Al-Ash’arie, wederom veroverd nadat zij
het verbond hadden verbroken. In dit jaar werd de mensen getroffen door veelvuldige
neusbloedingen en het werd zelfs het ‘Jaar van de Bloedneus’ genoemd. Uthmaan
werd ook getroffen en liet zelfs de bedevaart gaan, waarna Abdoerrah’maan Ibn ‘Awf
als leider over de bedevaart werd aangewezen. Azerbeidzjan en Armenië wordt door
Al-Walied Ibn Uqbah aangevallen, nadat zij zich niet hebben gehouden aan het
akkoord dat met hen was nagekomen. In dit jaar werd Abdoelmalik Ibn Marwaan, de
bekende kalief, geboren.
Het jaar 25 H.:
Al-Walied Ibn Uqbah wordt door Uthmaan als gouverneur over Al-Koefah
aangesteld, terwijl Sa’d Ibn Abie Waqqaas wordt afgezet. Al-Walied is de broer van
Uthmaan van zijn moederskant. De inwoners van Alexandrië verbreken hun verbond
waarna ‘Amr Ibn Al-‘Aas, de gouverneur van Egypte, hen bestreed. ‘Amr Ibn Al-‘Aas
wordt afgezet als gouverneur over Egypte en Abdullah Ibn Sa’d Ibn Abie As-Sarh’
werd de nieuwe gouverneur.
Het jaar 26 H.:
De Gewijde Moskee wordt uitgebreid.
Het jaar 27 H.:
Moe’aawiyah viel Cyprus aan en stak samen met het leger de zee over. Ubaadah Ibn
As-Saamit en zijn echtgenote, Umm H’araam Bint Milh’aan, waren ook aanwezig. Zij
stierf in Cyprus en werd daar begraven. De boodschapper van Allah, vrede zij met
hem, had haar het martelaarschap verkondigd. Abdullah Ibn Sa’d viel (noordelijk)
Afrika aan en werd vergezeld door Abdullah Ibn Oemar, Abdullah Ibn ‘Amr Ibn Al-
‘Aas en Abdullah Ibn Az-Zubayr. Zij ontmoetten Djoerdjier, de koning van de
berbers, en zijn leger bij Subetula (wordt tegenwoordig Sbeitla genoemd en ligt in het
midden van Tunesië). Het leger van Djoerdjier bestond uit 200 duizend krijgers – er
werd ook gezegd 120 duizend – en het moslimleger bestond uit 20 duizend krijgers.
Abdullah Ibn Az-Zubayr kreeg Djoerdjier te pakken en doodde hem, waarna de
moslims de veldslag wonnen. Vervolgens werd geheel (noordelijk) Afrika veroverd
en de inwoners omarmden de islam en gaven gehoor aan de islamitische leiders.
Het jaar 28 H.:
Aboe Dja’far At-Tabari zei: ‘Moe’aawiyah viel Cyprus aan en sloot een akkoord met
hen met de voorwaarde dat zij belastinggeld (Al-Djizyah) moesten betalen.’ AlWaaqidie
zei: ‘In dit jaar viel Habieb Ibn Maslamah Syrië – behorend tot het
Byzantijnse rijk – aan.’ Al-Walied Ibn Uqbah viel Azerbeidzjan aan en sloot hetzelfde
akkoord als Hudhaifah Ibn Al-Yamaan eerder met hen had afgesloten. Het jaar 29 H.:
Uthmaan zette Aboe Moesaa af als gouverneur van Al-Basrah en stelde Abdullah Ibn
Aamir Ibn Koerayz aan. Abdullah Ibn Aamir veroverde vervolgens Istakhr (Iran)
alsook Asbahaan (Iran). In dit jaar werd de Profetische Moskee uitgebreid. Uthmaan
Ibn Affaan verrichtte de bedevaart. Hij verrichtte de gebeden in Minaa en in Arafah
voluit (dus vier rak’ah). Ali Ibn Abie Taalib en Abdurrah’maan Ibn ‘Awf spraken hem
hierover. Hij zei tegen ‘Abdurrah’maan: ‘Ik heb gehoord dat onwetende mensen
hebben gezegd dat een niet-reiziger twee rak’ah dient te bidden en dat zij zeiden ‘zie
Uthmaan (reiziger); hij bidt twee rak’ah’. Daarom heb ik vier rak’ah gebeden. En
daarnaast heb ik een echtgenote in Mekka.’
Het jaar 30 H.:
Al-Walied Ibn Uqbah werd afgezet en Sa’ied Ibn Al-‘Aas werd de nieuwe gouverneur
over Al-Koefah. Het moslimleger viel Tabaristan aan waarna de stad werd veroverd.
Vele gebieden van Khorasaan werden in dit jaar veroverd. Verder werden ook
Naysaaboer en Toes veroverd. In dit jaar werd het gehele Perzische Rijk veroverd
door Ibn ‘Aamir. Ook andere gebieden in die omgeving werden veroverd. Vervolgens
verbraken de inwoners van Khorasaan de overeenkomst en brachten een groot leger
op de been en verzamelden zich bij Marwoe. Al-Ah’naf Ibn Qays trok naar hen toe
om hen te bevechten. Hij bestreed ze en versloeg ze. Het was een grote en bekende
veldslag. Nadat Ibn ‘Aamir dit grote gebied had veroverd, namen de rijksinkomsten
gigantisch toe. De rijkdommen stroomden vanuit alle windrichtingen naar de
islamitische schatkist. Abu Yoesoef Al-Qaadhie zei: ‘Zij haalden tweehonderdduizend
zakken uit de schatkist van Kisraa (keizer van Perzië). In elke zak zat vierduizend.’
Het jaar 31 H.:
Abu Abdellaah Al-H’aakim An-Naysaaboerie heeft gezegd: ‘Onze leraren zijn het
unaniem over eens dat de verovering van Naysaaboer geschiedde na het sluiten van
een akkoord. Zij kwamen overeen dat de verovering in het jaar 31 H. plaats had
gevonden.’ Tijdens dit jaar vond ook de veldslag in de omgeving van Soedan plaats.
Het jaar 32 H.:
In dit jaar vond de veldslag bij Al-Madhieq plaats, vlakbij Constantinopel. De
opperbevelhebber van het leger was Moe’aawiyah, moge Allah tevreden met hem zijn.
Het jaar 33 H.:
Tijdens dit jaar werden Cyprus en noordelijk Afrika aangevallen volgens Ibn Ish’aaq
en anderen. Volgens Al-Layth Ibn Sa’d was destijds Abdullah Ibn Abie As-Sarh’ de
opperbevelhebber. Volgens Khaliefah viel Moe’aawiyah in dit jaar de stad Malatya in
het huidige Turkije aan. In dit jaar viel Abdullah Ibn Abie As-Sarh’ Abessinië aan. Het jaar 34 H.:
Tijdens dit jaar kwamen de inwoners van Al-Koefah tegen hun gouverneur – Sa’ied
Ibn Al-‘Aas – in opstand en zij joegen hem uit de stad weg. Zij kozen voor Abu
Moesaa Al-Ash’arie en stuurden Uthmaan een brief daarover, waarna hij hem als
gouverneur over Al-Koefah aanstelde. In dit jaar vond de zeeslag van Dhaat AsSawaari
– in de buurt van Alexandrië – plaats. De opperbevelhebber was Abdullah
Ibn Abie As-Sarh’.
Het jaar 35 H.:
In dit jaar vond de moord op Uthmaan plaats. Wij zullen dit onderwerp in een apart
artikel gedetailleerd behandelen gezien het belang ervan. Hierbij een korte
samenvatting van deze gebeurtenis. De kalief Uthmaan werd door een groep mensen
uit Egypte en Irak werd bekritiseerd. Zij vertrokken naar Medina om hun beklag te
doen bij Uthmaan, moge Allah tevreden met hem zijn. Nadat zij Uthmaan hadden
gesproken en hij hen tevreden had gesteld, vertrokken zij weer huiswaarts. Maar dit
werd betreurd door de bedenkers van het plan, degenen die onrusten wilden zaaien.
Vervolgens stelden zij diverse valselijk brieven op namens o.a. Uthmaan, Ali en
andere metgezellen. Zij vervalsten een brief namens Uthmaan waarin hij aan de
gouverneur van Egypte opdracht zou hebben gegeven om de opstandelingen te doden
wanneer zij weer thuiskwamen. Zij gaven deze brief aan een knecht van Uthmaan
mee. De Egyptenaren kwamen deze knecht tegen op hun weg terug naar Egypte. Zij
namen hem gevangen en ontdekten de brief. Vervolgens keerden zij terug naar
Medina, samen met hun medeopstandelingen uit Irak, om verhaal te halen bij
Uthmaan.
Zij omsingelden het huis van Uthmaan en deze omsingeling duurde meer dan twintig
dagen volgens Ibn Qoetaybah. Er zijn meerdere periodes genoemd en waarvan de
periode twee maanden en twintig dagen de langste periode is die genoemd werd. Op
vrijdag twaalf Dhoe Al-H’idjah van het jaar 35 H. werd hij vermoord, moge Allah
tevreden met hem zijn. Volgens de meest juiste uitspraak was hij destijds 82 jaar oud.
En zo heeft Uthmaan Ibn Affaan, moge Allah tevreden met hem zijn, het
martelaarschap verkregen zoals zijn leermeester, de profeet Mohammed, hem verteld
heeft. Yazied Ibn Abie Habieb heeft gezegd: ‘Ik heb gehoord dat de meeste mensen
die naar Uthmaan waren gegaan krankzinnig zijn geworden.’
Moge Allah Uthmaan Ibn Affaan belonen voor datgene wat hij voor de islam en
moslims heeft gedaan. Moge Allah tevreden met hem zijn. Wij vragen Allah de
Verhevene om ons samen met hem bij elkaar te laten komen in het paradijs. Moge
Allahs salaat en salaam zijn met onze profeet Mohammed alsook met zijn
familieleden en metgezellen. En alle lof komt Allah toe.

Leave a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *