Pages Navigation Menu

Wat is er na de waarheid (islam) behalve de verkeerde weg? (sjiisme)

De vrouwen van de Profeet behoren tot zijn Ahl al Bayt

 

De Shi’a hebben een welbekende uitspraak en dat is dat de vrouwen van de Profeet sallalahu aleyhi wasallam niet behoren tot  de Ahl al Bayt.

In dit artikel zal de Islamitische kijk op de kwestie worden uitgelegd.

Allah subhana wa ta’ala zegt in de Qur’aan:

وَقَرْنَ فِي بُيُوتِكُنَّ وَلَا تَبَرَّجْنَ تَبَرُّجَ الْجَاهِلِيَّةِ الْأُولَى وَأَقِمْنَ الصَّلَاةَ وَآَتِينَ الزَّكَاةَ وَأَطِعْنَ اللَّهَ وَرَسُولَهُ إِنَّمَا يُرِيدُ اللَّهُ لِيُذْهِبَ عَنْكُمُ الرِّجْسَ أَهْلَ الْبَيْتِ وَيُطَهِّرَكُمْ تَطْهِيرًا

33. Blijft in uw huizen en stelt uw schoonheid niet ten toon als in de vroegere dagen der onwetendheid; leeft het gebed na, en betaalt de Zakaat en gehoorzaamt Allah en Zijn boodschapper. O huisgenoten, Allah wenst alleen onreinheid van u te verwijderen, en u schoon en zuiver te maken.

 

De tafsir van deze aya is:

﴿إِنَّمَا يُرِيدُ اللَّهُ لِيُذْهِبَ عَنكُـمُ الرِّجْسَ أَهْلَ الْبَيْتِ وَيُطَهِّرَكُمْ تَطْهِيــراً﴾

(Allah wishes only to remove Ar-Rijs from you, O members of the family, and to purify you with a thorough purification.) This is a clear statement that the wives of the Prophet are included among the members of his family (Ahl Al-Bayt) here, because they are the reason why this Ayah was revealed, and the scholars are unanimously agreed that they were the reason for revelation in this case, whether this was the only reason for revelation or there was also another reason, which is the correct view. Ibn Jarir recorded that `Ikrimah used to call out in the marketplace:

﴿إِنَّمَا يُرِيدُ اللَّهُ لِيُذْهِبَ عَنكُـمُ الرِّجْسَ أَهْلَ الْبَيْتِ وَيُطَهِّرَكُمْ تَطْهِيــراً﴾

(Allah wishes only to remove Ar-Rijs from you, O members of the family, and to purify you with a thorough purification.) “This was revealed solely concerning the wives of the Prophet.” Ibn Abi Hatim recorded that Ibn `Abbas said concerning the Ayah:

﴿إِنَّمَا يُرِيدُ اللَّهُ لِيُذْهِبَ عَنكُـمُ الرِّجْسَ أَهْلَ الْبَيْتِ﴾

(Allah wishes only to remove Ar-Rijs from you, O members of the family,) “It was revealed solely concerning the wives of the Prophet .”

Tafsir ibn Kathir

De Shi’a claimen echter dat deze vers over Ali, Hassan, Hussayn en Fatimah radiallahu anhuma is geopenbaard, en enkel over hen. Hierbij vergeten de Shi’a met welke woorden deze verzen beginnen uit Surah Ahzaab 33:32, namelijk met ‘’Yaa Nisaa an Nabi’’ [O vrouwen van de Profeet].

یٰنِسَآءَ النَّبِیِّ لَسۡتُنَّ کَاَحَدٍ مِّنَ النِّسَآءِ اِنِ اتَّقَیۡتُنَّ فَلَا تَخۡضَعۡنَ بِالۡقَوۡلِ فَیَطۡمَعَ الَّذِیۡ فِیۡ قَلۡبِہٖ مَرَضٌ وَّ قُلۡنَ قَوۡلًا مَّعۡرُوۡفًا ﴿ۚ۳۲﴾

32. O vrouwen van de profeet, u bent niet zoals een andere vrouw. Indien u godvruchtig bent, spreekt dan niet op een verleidelijke manier, anders zal hij in wiens hart ziekte is, verwachtingen koesteren; maar spreekt een oprechte taal.

De Shi’a zal claimen dat de uitspraak van Abdullah ibn Abbas, dat vers 33:33 expliciet over de vrouwen van de Profeet sallalahu aleyhi wasallam was geopenbaard, zwak is, omdat Ikrimah het heeft overgeleverd. Feit is dat Ikrimah een betrouwbare overleveraar is, met de consensus van de geleerden.

 

Enkele feiten over Ikrimah rah:

–          Hij levert over in Sahih al Bukhari, en jij komt met een lijstje die hem zwak noemt? Tafaddal, plaatst je bewijzen.

–          Imaam An Nasa’i heeft over hem gezegd: ‘’Thiqat’’ [i.e. betrouwbaar]

–          Ibn Mu3in heeft over hem gezegd: ‘’Thiqat’’.

–          Al Ijli heeft over hem gezegd: ‘’Thiqat’’.

–          Imaam al Bukhari heeft over hem gezegd: ‘’Er is niemand onder onze metgezellen die Ikrimah wantrouwde’’

–          Abu Khateem heeft over hem gezegd: ‘’Thiqaat en te vertrouwen’’.

–          Ibn Hibbaan heeft over hem gezegd: ‘’Thiqat’’. [Zie Tahzeeb al Tahzeeb. Volume 7, #239.

http://islamport.com/d/1/trj/1/134/2934.html?zoom_highlightsub=%22%DA%DF%D1%E3%C9%22

 

Bovendien, de claims dat hij tot de khawaarij hoorde klopt niet, en Ibn Hajar rah heeft dit weerlegd. Als hij een khariji was, dan zou hij geen riwaya overleveren ten voordele van Ali ra, [ref. tabaqaat ibn sa’d, #338]. De overlevering van Ibn Abbas is tevens geauthenticeerd door Imaam ad Dhahabi, in Siyaar a’laam an Nubala.

Om de valse  claims [dat de vrouwen van de Profeet sallalahu aleyhi wasallam niet tot de Ahl al Bayt behoren] gebruiken de Shi’a vele verzonnen zaken en verdraaide zaken aanhalen. Bijv.

 :Leugen 1

 

[Umm Salama said to the Holy Prophet: “Am I also one of them?” He replied: “No. You have your own special position and your future is good.”

Usdul Ghabah, by Ibn al-Athir, volume 2, p289 Tafsir al-Durr al-Manthoor, by al-Suyuti, volume 5, p198

De hadith die de Shi’a zullen aanhalen, zullen zwakke ahadith zijn die door de wetenschappen en wetenschappers van ahadith eeuwen terug al als mawdu3 [i.e. verzonnen] of zwak zijn geclassificeerd.

De overlevering in Durr al Manthur [overgenomen door ibn al Athir], volume 5:

ويه عن أم سلمة قالت «نزلت هذه الآية في بيتي {إنما يريد الله ليذهب عنكم الرجس أهل البيت ويطهركم تطهيراً} وفي البيت سبعة: جبريل، وميكائيل عليهما السلام، وعلي، وفاطمة، والحسن، والحسين، رضي الله عنهم، وأنا على باب البيت، قلت: يا رسول الله ألست من أهل البيت؟ قال: إنك إلى خير، إنك من أزواج النبي صلى الله عليه وسلم».

Lees het online:

De Profeet sallahu aleyhi wasallam zegt: أنت على مكانك، وانك على خير‏

De  ‘’NO’’ is toegevoegd door de Shia en die mensen die het als een sport zien om te liegen en te bedriegen. De websites die de shia jeugd bezoeken, meestal websites die verdraaide feiten bevatten spelen hier een rol bij. De doorsnee shia kan namelijk deze bronnen zelf niet raadplegen en denkt goed bezig te zijn om zijn credo te verdedigen. Een shia bent of niet, dit dient een ieder te zien als een aanval op zijn persoon, en een poging om hem te misleiden en te bedriegen. Met deze informatie willen de shia de Profeet sallalahu aleyhi wasallam beledigen en zijn vrouwen beledigen. Degene die het dusdanig verspreid, is medeplichtig aan de fraude aan het adres van de Profeet sallalahu aleyhi wasallam en zijn vrouwen, zijn eer.

 

Leugen 2:

Narrated Umm Salama:

I said, “O Prophet of Allah! Am I not also one of your Ahlul-Bayt?” I swear by the Almighty that the Holy Prophet did NOT grant me any distinction and said: “You have a good future.”

Tafsir al-Tabari, volume 22, p7

 

Dit is de overlevering:

حدثنا ابن حميد، قال: ثنا عبد الله بن عبد القدوس، عن الأعمش، عن حكيـم بن سعد، قال: ذكرنا علـيّ بن أبـي طالب رضي الله عنه عند أمّ سلـمة قالت: فـيه نزلت: { إنَّـمَا يُرِيدُ اللَّهُ لِـيُذْهِبَ عَنْكُمُ الرّجْسَ أهْلَ البَـيْتِ وَيُطَهِّرَكُمْ تَطْهِيراً } قالت أمّ سلـمة: جاء النبـيّ صلى الله عليه وسلم إلـى بـيتـي، فقال: «لا تَأْذَنِـي لأَحَدٍ»، فجاءت فـاطمة، فلـم أستطع أن أحجبها عن أبـيها، ثم جاء الـحسن، فلـم أستطع أن أمنعه أن يدخـل علـى جدّه وأمه، وجاء الـحسين، فلـم أستطع أن أحجبه، فـاجتـمعوا حول النبـيّ صلى الله عليه وسلم علـى بساط، فجللهم نبـيّ الله بكساء كان علـيه، ثم قال: ” هَؤُلاءِ أهْلُ بَـيْتِـي، فَأذْهِبْ عَنْهُمُ الرّجْسَ وَطَهِّرْهُمْ تَطْهِيراً ” ، فنزلت هذه الآية حين اجتـمعوا علـى البساط قالت: فقلت: يا رسول الله: وأنا، قالت: فوالله ما أنعم وقال: ” إنَّكِ إلـى خَيْرٍ “

 

–          De hadith is VERZONNEN.

–          In de keten zit Abdullah ibn Abdul Qudoos,

–          Yahya ibn Ma3in heeft over hem gezegd ‘’hij is niets, rafidi khabith’’.  [i.e. leugenaar].

–          Imaam an Nasa’i heeft over hem gezegd: ‘’Onbetrouwbaar’’.

–          Imaam al Daraqutni heeft over hem gezegd: ‘’Zwak’’. Zie ‘’Mizaan al I’tidaal, 2/#457.

 

Dit is meer dan logisch, want de rawaafid hebben door de eeuwen heen veel zaken gemanipuleerd en verzonnen. De wetenschappen van hadith dat door de Islamitische gemeenschap ten tijde van de Sahaba en de Tabi3in in stand is gehouden werpt licht op de verzonnen mawdu3 overleveringen zoals deze. En dit heet ‘’Ilm al Rijaal’’. Iets wat de shia nauwelijks kennen helaas.

Betreft Ilm ul hadith [wetenschappen van hadith[, Shu’bah bin Hajjaaj rah was de eerste Muslim die onderzoek deed in Ilm al Rijaal, en dat was het jaar 160 na de Hijrah, terwijl het Shi’isme nog niet bestond, en pas in het jaar 727, Mutahhar al Hilli dit begon. Dat is meer dan 7 eeuwen na de Hijrah. Dat is ook de reden dat bijna ALLE boeken van het Shi’isme beinvloed zijn door alle sekten die het geboorte gaf, en ieder van hen hebben over de Profeet sallalahu aleyhi wasallam en de Islaam gelogen. Usul al Kafi, wordt onfeilbaar geacht door de grootgeleerden van de Shi’a, terwijl later, men toch naar fouten zocht, zoals Bahbudi, die met zijn Sahih al Kafi kwam, of Hilli. Desondanks zijn de meest verwerpelijke ”overleveringen” in deze boeken geauthenticiteerd door Majlisi, Kashaani, Ardubili etc.

 

Leugen 3:

Source: al-Jami’ al-Sahih Sunan al-Tirmidhi (Beirut, Lebanon: Dar al-Ihya al-Turath al-Arabi) [annotators:Ahmad Muhammad Shakir and others] vol. 5, p. 351, Number 3205

Grading: Shaykh al-Albani says:صحيح (Sahih)

Volgens deze overlevering, was het vers 33:33 geopenbaard VOOR de Profeet duaa maakte voor de ahl al kisa. [Ali, Fatimah, Hassan wal Hussayn]. Allah subhana wa ta’ala had al voorgenomen om de vrouwen van de Profeet sallalahu aleyhi wasallam te zegenen [wat hen niet onfeilbaar maakt, en deze aya maakt niemand onfeilbaar]. Is het dan logisch dat de Profeet nogmaals duaa verricht om de vrouwen van de Profeet te zegenen, nadat de aya hierover al geopenbaard is? Natuurlijk niet. De Profeet sallalahu aleyhi wasallam wou zijn dochter en zijn kleinkinderen en schoonzoon ook zegenen door duaa te verrichten voor hen. En in de hadith staat ‘’Wa anta Alaa khayr’’, dat wil onder geen beding zeggen , ‘’nee jij bent geen Ahl al Bayt’’. Dit is een fictie die de shia propageren.

Het is niet logisch dat de Profeet duaa verricht, voor iets dat Allah al aangeeft in de openbaring dat reeds geopenbaard was.

 

Leugen 4:

Ibn Asakir al-Shafi’i also records:

ري عن أمّ سلمة رضي الله عنها، قالت: نزلت هذه الآية في بيتي {إنّما يُريدُ اللهُ لِيُذْهِبَ عَنْكُمُ الرِّجْسَ أهْلَ البَيْتِ ويُطَهِّرَكُمْ تَطْهِيراً}، قلت يا رسول الله: ألستُ من أهل البيت؟ قال: إنّك إلى خير، إنّك من أزواج رسول الله صلّى الله عليه وسلم، قالت: وأهل البيت: رسول الله صلى الله عليه وسلم وعلي وفاطمة والحسن والحسين رضي الله عنهم أجمعين. The Verse “Allah only desires to keep away from you all blemishes (al-rijz), O Ahl al-Bayt, and to purify you absolutely” (Qur’an 33:33), was revealed in my house. I said, “O Allah’s Apostle! Am I one of the Ahl al-Bayt?” He replied, “You are unto a good (future). You are one of the wives of Allah’s Apostle.” Umm Salamah said, “The Ahl al-Bayt are Allah’s Apostle, Ali, Fatima, al-Hasan and al-Husayn, may Allah be pleased with them all.” Source: Al-Arba’in fi Manaqib Ummuhat al-Muminin, p. 106

 

De hadith + keten van overleveraars wat de Shi’a altijd vergeten te plaatsen:

أخبرنا الشيخ الإمام الزاهد صدر الدين شيخ الشيوخ أبو القاسم عبدالرحيم بن إسماعيل بن أبي سعد الصوفي والشيخ الإمام أبو أحمد عبد الوهاب بن علي بن علي بن الأمين قالا أنا أبو القاسم هبة ( الله ) بن الحصين أنا أبو طالب محمد بن محمد غيلان أنا أبو بكر محمد بن عبدالله بن إبراهيم ( 48 ب ) الشافعي نا إسحاق بن ميمون الحربي نا أبو غسان نا فضيل عن عط عن أبي سعيد الخدري عن أم سلمه رضي الله عنها قالت
نزلت هذه الاية في بيتي إنما يريد الله ليذهب عنكم الرجس أهل البيت ويطهركم تطهيرا قلت يارسول الله ألست من أهل البيت قال إنك إلى خير إنك من أزواج رسول الله صلى الله عليه و سلم قالت
وأهل البيت رسول الله صلى الله عليه و سلم وعلي وفاطمة والحسن والحسين رضي الله عنهم أجمعين
هذا حديث صحيح

Hadith is zwak om de volgende redenen:

–          De keten is ‘’Ibn Asakir en Abu Bakr Ash Shafi3i, van Fudayl, Atiyyah, Abu Saeed en tenslotte Umm Salamah ra.

–          Fudayl  was bekritiseerd, was bovendien een shia.

–          Atiyyah is zwak met consensus van de geleerden, en ook hij was een rafidi.

–          Zijn naam is ‘’Atiyyah ibn Sa’d al Awf al Kufi’’. De Ijmaa’ over hem van de wetenschappers van hadith over hem luidt:

  • Imaam at Dhahabi: ‘’Zwak’’.
  • Abu Haatim: ‘’Zwak’’.
  • An Nasa’i: ‘’Zwak’’.
  • Imaam Ahmad: ‘’Zwak’’. [Zie Mizaal al I’tidaal 3/79]
  • Atiyyah was ook zwak verklaard door Sufyan at Thawri ra en Ibin Adi, zie [‘’Tahzeeb al Kamaal’’, #20]

 

–          Shaykh al Albani heeft Atiyyah al Kufi genoemd in zijn boek over tawassul, en zei over hem ‘’Atiyyah is zwak verklaard door Imaam an Nawawi in Al Adhkaar, door Shaykh ibn Taymiyyah in ‘’al Qaa’idat al Ja’3liyyah’’ en at Dhahabi in Al Mizaan. Hij vervolgt elders en zegt ‘’Ze zijn het over zijn onbetrouwbaarheid/zwakte eens’’. Al Haytami heeft hem ook zwak verklaard in Majmu al Zawaa’id /#236.

 

Leugen 5

Hier zie je dat Aisha duidelijk niet onder de mantel was: Narrated Aisha: Sahih Muslim, 1980 Edition Pub. in Saudi Arabia, Arabic version, v4, p1883, Tradition #61

De Shi’a zullen gedurende deze wanhopige toestand zelfs een hadith plaatsen van Umm Al Mu’minin Aishah radiallahu anha waarin ze aangeeft dat de Profeet sallalahu aleyhi wasallam duaa maakte voor de Ahl al Kisa [Ali, Fatimah, Hassan en Hussayn ra]. Om hiermee aan te tonen dat ze zelf niet tot de Ahl al Bayt behoorde.

We vragen deze Shi’a om Sahih Muslim goed door te lezen, want in hetzelfde boek noemt de Profeet sallalahu aleyhi wasallam zijn vrouwen, en in het bijzonder Aishah Siddiqah radiallahu anha ‘’Ahl al Bayt’’.

En dit zegt wederom niets. De vrouwen van de Profeet sallalahu aleyhi wasallam zijn geadresseerd in Surah Ahzaab aya 33, en dat ze tot de Ahl al Bayt van de Profeet behoren, daar is geen twijfel over mogelijk, dat hebben we immers gezien. Aangezien de Shi’a  Sahih Muslim plaatsen, mogen ze dezelfde Sahih Muslim lezen waarin de Profeet, zijn vrouw Aishah ra ‘’Ahl al Bayt’’ noemt. Lees:

1428 قال أنس وشهدت وليمة زينب فأشبع الناس خبزا ولحما وكان يبعثني فأدعو الناس فلما فرغ قام وتبعته فتخلف رجلان استأنس بهما الحديث لم يخرجا فجعل يمر على نسائه فيسلم على كل واحدة منهن سلام عليكم كيف أنتم يا أهل البيت فيقولون بخير يا رسول الله كيف وجدت أهلك فيقول بخيرفلما فرغ رجع ورجعت معه فلما بلغ الباب إذا هو بالرجلين قد استأنس بهما الحديث فلما رأياه قد رجع قاما فخرجا فوالله ما أدري أنا أخبرته أم أنزل عليه الوحي بأنهما قد خرجا فرجع ورجعت معه فلما وضع رجله في أسكفة الباب أرخى الحجاب بيني وبينه وأنزل الله تعالى هذه الآية لا تدخلوا بيوت النبي إلا أن يؤذن لكم الآية

..He (the Holy Prophet) stood up and covered her. woman looked towards her and said: May Allah keep away the Jewess! He (the narrator) said: I said: Aba Hamza, did Allah’s Messenger (may peace be upon him) really fall down? He said: Yes, by Allah, he in fact fell down. Anas said: I also saw the wedding feast of Zainab, and he (the Holy Prophet) served bread and meat to the people, and made them eat to their heart’s content, and he (the Holy Prophet) sent me to call people, and as he was free (from the ceremony) he stood up and I followed him. Two persons were left and they were busy in talking and did not get out (of the apartment). He (the Holy Prophet) then proceeded towards (the apartments of) his wives. He greeted with as-Salamu ‘alaikum to every one of them and said: Members of the household, how are you? They said: Messenger of Allah, we are in good state ‘How do you find your family? He would say: In good state.

De Profeet sallalahu aleyhi wasallam zegt tegen haar :  

 ‘’ Kaifa Antum yaa Ahl al Bayt’’

كيف أنتم يا أهل البيت

Sahih Muslim Book 008, Number 3328, http://www.usc.edu/org/cmje/religious-texts/hadith/muslim/008-smt.php

 

Leugen 6:

Hier nog een, overgeleverd door de broer van Imam Ali (as): Ja’far Ibn Abi Talib narrated: When the Messenger of Allah noticed that a blessing from Allah was to descent, he told Safiyya (one of his wives): “Call for me! Call for me!” Safiyya said: “Call who, O the Messenger of Allah?” He said: “Call for me my Ahlul-Bayt who are Ali, Fatimah, al-Hasan, and al-Husain.” Thus we sent for them and they came to him. Then the Prophet (PBUH&HF) spread his cloak over them, and raised his hand (toward sky) saying: “O Allah! These are my family (Aalee), so bless Muhammad and the family (Aal) of Muhammad.” And Allah, to whom belong Might and Majesty, revealed: “Verily Allah intends to keep off from you every kind of uncleanness O’ People of the House (Ahlul-Bayt), and purify you a thorough purification.”

al-Mustadrak by al-Hakim, Chapter of “Understanding (the virtues) of Companions, v3, p148. The author (Al-Hakim) then wrote: “This tradition is authentic (Sahih) based on the criteria of the two Shaikhs (al-Bukhari and Muslim). Talkhis of al-Mustadrak, by al-Dhahabi, v3, p148 Usdul Ghabah, by Ibn al-Athir, v3, p33

De overlevering die de Shi’a plaatst:

4709 – حدثني أبو الحسن إسماعيل بن محمد بن الفضل بن محمد الشعراني ثنا جدي ثنا أبو بكر بن شيبة الحزامي ثنا محمد بن إسماعيل بن أبي فديك حدثني عبد الرحمن بن أبي بكر المليكي عن إسماعيل بن عبد الله بن جعفر بن أبي طالب عن أبيه قال : لما نظر رسول الله صلى الله عليه وسلم إلى الرحمة هابطة قال : ادعو لي ادعو لي فقالت صفية : من يا رسول الله ؟ قال : أهل بيتي عليا وفاطمة والحسن والحسين فجيء بهم فألقى عليهم النبي صلى الله عليه وسلم كساءه ثم رفع يديه ثم قال : اللهم هؤلاء آلي فصل على محمد وعلى آل محمد وأنزل الله عز وجل { إنما يريد الله ليذهب عنكم الرجس أهل البيت ويطهركم تطهيرا }
هذا حديث صحيح الإسناد ولم يخرجاه وقد صحت الرواية على شرط الشيخين أنه علمهم الصلاة على أهل بيته كما علمهم الصلاة على آله K المليكي ذاهب الحديث

In de keten zit Maliki, a.k.a. Abdul rahman ibn Abu Bakr, en hij is door de wetenschappers van hadith ‘’dhaahibul hadith’’ genoemd. Zie Mizaal al I’tidaal, 2/550].
Imam Bukhari heeft deze Maliki, ‘’Verworpen in hadith’’ genoemd, Ibn Ma3een rah, heeft over hem gezegd ‘’Zwak’’, Imaam Ahmad rah heeft gezegd ‘’Munkar al Hadith’’, An Nasa’i heeft gezegd ‘’Verlaten [i.e. in hadith].

 

 

Leugen 7:

 

 Umrah al-Hamdaniyyah: I went to Umm Salama and greeted her. She inquired: “Who are you?” I replied: “I am Umrah Hamdaniyyah.” Umrah says, “I said O mother of the Faithful! Say something about the man who has been killed among us today. One group of the people like him and another group is inimical towards him,” (He meant Imam Ali Ibn Abi Talib). Umm Salama said, “Do you like him or are you hostile to him?” I replied, “I neither like him nor I am hostile to him.” [Here the narrative is defective and thereafter it is like this:] Umm Salama began to tell about the revelation of the verse of Tat’hir and said in this behalf: “Allah revealed the verse: O People of the Prophet’s House… There was none in the room at that time, except Gabriel, the Holy Prophet, Ali, Fatimah, al-Hasan and al-Husain. I said: ‘O Prophet of Allah! Am I too one of the people of the House?’ He replied: ‘Allah will reward you and recompense you.’ I wished that he might have said ‘Yes’ and would have valued such a reply much more than anything else in the world.'” Mushkil al-Athar, by al-Tahawi, v1, p336

 

De hadith is zwak en verworpen. Dit is de keten: حَدَّثَنَا فَهْدٌ، حَدَّثَنَا سَعِيدُ بْنُ كَثِيرِ بْنِ عُفَيْرٍ، حَدَّثَنَا ابْنُ لَهِيعَةَ، عَنْ أَبِي صَخْرٍ، عَنْ أَبِي مُعَاوِيَةَ الْبَجَلِيِّ، عَنْ عَمْرَةَ الْهَمْدَانِيَّةِ

Van Fahd, Saeed ibn Kathir ibn Ufayr, Ibn Luhiyyah, Abi Zukhr, van Abi Muawiyyah al Bajali, van Umrah al Hamdaniyyah.

In de keten zit ‘’Ibn Luhiyyah’’, i.e. Abdullah ibn Luhiyyah, en hij was ZWAK met de CONSENSUS van de wetenschappen van hadith. Abdullah ibn Mubarak rah heeft getuigd dat ibn Luhiyyah de auteur hiervan is, net zoals Abdullah ibn Wahb en Yazeed al Muqree.

 Ibn Sa’d rah heeft gezegd: ‘’Mensen zouden hadith lezen die niet van hem waren afkomstig, maar hij zei niets,en het werd aangenomen als zijn overlevering. Wanneer hij hierover gevraagd zou worden, zou hij zeggen ‘’Wat is mijn fout?’’ Ze komen naar mij met overleveringen en vertrekken, als ze me zouden vragen, zou ik zeggen dat het niet mijn overlevering is’’. [Zie Tabaqaat ibn Sa’d].

Abdul Rahmaan ibn Mehdi rah heeft gezegd: ‘’Ik vertrouw op geen enkele overlevering van Ibn Luhiyyah, behalve wat was overgeleverd door ibn Mubarak etc.’’

Ibn Ma3in heeft gezegd: ‘’Hij was niets, ongeacht of zijn conditie was veranderd of niet’’. En ‘’Hij was niets, betreft al zijn riwayaat’’.

Abu Zar’ah zei ‘’Ibn Luhiyyah was niet onder hen die als bewijs kunnen dienen’’.

Abu Haatim heeft gezegd: ‘’Ik vroeg mijn vader over Ibn Luhiyah en of hij als bewijs kon dienen als Ibn Mubarak van hem heeft overgeleverd? Hij zei, Nee. [Zie Jarh wa Ta’dil, #147, vol. 5]

Ibn Hibban rah zegt over hem: Ik heb de overleveringen van Ibn Luhiyyah onderzocht die door eerdere ruwaat zijn overgeleverd en latere, en begon eraan te twijfelen door de door elkaar gehaalde overleveraars in zijn latere overleveringen. Ik vond dat hij later Tadlees verrichte van hen die hij betrouwbaar achtte. Dusdanig waren fabricaties [verzonnen overleveringen] toegeschreven aan hem. [Zie Al Majruhin, volume 2, #12].

Bovendien is er weinig bekend over Al Bajali [Ammar], en hij wordt gerekend als Majhool al Haal. [onbekende].

 

Leugen 8:

 

 Abu Sa’id al-Khudri: I heard the Messenger of Allah saying: “This verse has been revealed about five individuals: Myself, Ali, al-Hasan, al-Husain, and Fatimah.”

Tafsir Ibn Jarir al-Tabari, v22, p5, under the verse 33:33 Dhakha’ir al-Uqba, Muhibbuddin al-Tabari, p24 al-Sawa’iq al-Muhriqah, by Ibn Hajar, Ch. 11, section 1, p221 Majma’ al-Zawa’id, by al-Haythami

De keten is: Abu Bakr al Haariti, van Muhammad ibn Hayaan, van Ahmad bin Amr bin Aby Aathim, van Abul Rabi3, van Zahraani, van Ammar bin Muhammad van at Thawri, van Sufyaan, van Abul Jahaaf van Atiyyah, van Abu Sa’eed al Khudri.

In de keten zit Atiyah bin Sa’d al Awf al Kufi, en over hem heb je eerder kunnen lezen dat hij zwak en verlaten is.

Atiyyah is zwak met consensus van de geleerden, en ook hij was een rafidi.

Zijn naam is ‘’Atiyyah ibn Sa’d al Awf al Kufi’’. De Ijmaa’ over hem van de wetenschappers van hadith over hem luidt:

–          Imaam at Dhahabi: ‘’Zwak’’.

–          Abu Haatim: ‘’Zwak’’.

–          An Nasa’i: ‘’Zwak’’.

–          Imaam Ahmad: ‘’Zwak’’. [Zie Mizaal al I’tidaal 3/79]

–          Atiyyah was ook zwak verklaard door Sufyan at Thawri ra en Ibin Adi, zie [‘’Tahzeeb al Kamaal’’, #20]

–          Shaykh al Albani heeft Atiyyah al Kufi genoemd in zijn boek over tawassul, en zei over hem ‘’Atiyyah is zwak verklaard door Imaam an Nawawi in Al Adhkaar, door Shaykh ibn Taymiyyah in ‘’al Qaa’idat al Ja’3liyyah’’ en at Dhahabi in Al Mizaan. Hij vervolgt elders en zegt ‘’Ze zijn het over zijn onbetrouwbaarheid/zwakte eens’’. Al Haytami heeft hem ook zwak verklaard in Majmu al Zawaa’id /#236.

 

Alle Tafasir van de Qur’an getuigen dat het vers 33:33 over de vrouwen van de Profeet sallalahu aleyhi wasallam gaan. De Shi’a geleerden door de eeuwen heen hebben dit altijd een bittere pil gevonden en konden geen remedie bieden aan hun blinde volgelingen. En aangezien het Shi’isme en diens voorstaande geleerden in de corruptie/tahreef van de Qur’an geloven, [dus dat het gewijzigd is door de vijanden] hebben ze een mooie verklaring voor hun blinde volgelingen bedacht waarom de verzen waarmee de Ahl al Bayt zogenaamd ‘’onfeilbaar’’ is gemaakt, beginnen met ‘’Yaa nisaa an Nabi’’ [O vrouwen van de Profeet]. We lezen in de kern boeken en exegese van de Qur’an behorend tot de Shi’a:

 

Allah (subhana wa ta’ala) zegt in zijn boek:

إِنَّمَا يُرِيدُ اللَّهُ لِيُذْهِبَ عَنْكُمُ الرِّجْسَ أَهْلَ الْبَيْتِ وَيُطَهِّرَكُمْ تَطْهِيرًا

O huisgenoten, Allah wenst alleen onreinheid van u te verwijderen, en u schoon en zuiver te maken. (Surah Ahzaab, vers 33)

De vader van het Shi’isme, Mullah Baqir al Majlisi zegt in Bihaar al Anwaar als commentaar op vers 33 uit Surah Ahzaab:


فلعل آية التطهير أيضا وضعوها في موضع زعموا أنها تناسبه ، أو أدخلوها في سياق مخاطبة الزوجات لبعض مصالحهم الدنيوية

ولو سلم عدم التغيير في الترتيب فنقول : سيأتي أخبار مستفيضة بأنه سقط من القرآن آيات كثيره ، فلعله سقط مما قبل الآية وما بعدها آيات لو ثبتت لم يفت الربط الظاهري بينها

‘’Het is mogelijk dat het vers over purificatie (33:33) was toegevoegd (door de metgezellen) in dit deel, claimende dat het refereerde naar de vrouwen, of zij voegden het toe tussen de verzen over de vrouwen van de Profeet om hun religieuze doelen te steunen..zelfs als we accepteren dat er geen wijziging plaats had gevonden (door de metgezellen) in de volgorde, zeggen we dat er veel overleveringen zijn die over de verkorting /schrapping van de verzen van de Qur’an gaan. Als er geen verzen waren verwijderd, voor en na dit vers (33:33), dan zouden we een heldere lijn hierin zien’’.

Bronnen: Mullah Baqir al Majlisi, Bihaar al Anwaar, p.234,235

 

Naast het feit dat de pilaar van het Shi’isme in de corruptie van de Qur’an gelooft, geeft hij aan de lezer een exact voorbeeld wat er wordt bedoeld met ‘’Ilhaad’’.

Een tweede voorbeeld is van een meer recente grootgeleerde en beroemd Shi’a Qur’an commentator, Allamah Tabatabai in zijn Tafsir al Mizaan:

فالآية لم تكن بحسب النزول جزء اً من آيات نساء النبي ولا متَّصلة بها و إنما وضعت بينها إمّا بأمرٍ من النبي أو عند التأليف بعد الرحلة

‘’Het vers (over purificatie 33:33),  in het opzicht van de volgorde van openbaring was eigenlijk geen onderdeel van de verzen over de vrouwen van de Profeet en had geen relatie hiermee, maar het was later toegevoegd tussen deze verzen, door de Profeet of na zijn overlijden wanneer de Qur’an werd samengesteld’’

Bronnen: Allamah Tabatabai, Tafsir al Mizaan, volume 16, p.321

 

Een volgens grootgeleerde van de Shi’a spuwt eveneens hetzelfde ongeloof om zijn valse credo mee te ondersteunen:

Abdul Hussayn (dienaar van Hussayn) citerend Allamah Sharaf Ud Din:

‘’Hoewel we overtuigt zijn dat er geen tekortkomingen plaats hebben gevonden in de verzen van de Edele Qur’an en dat onze goddelijke boek niet gewijzigd is op welk manier dan ook, is het niet duidelijk of de volgorde van de verzen precies datgene is hoe het geopenbaard was. Het is heel goed mogelijk dat het vers aangaande ‘’purificatie’’ (Surah Ahzaab, 33:33) over de Ahl al Bayt apart gepenbaard was en wanneer de verzen van de Qur’an werden verzameld, was deze geplaatst tussen de verzen over de vrouwen van de Profeet, zij het per ongeluk of met opzet’’

Bronnen:  Abdul Hussayn al Musaawi, Al Muraaji’at – Imaamate and Leadership, vertaald door Hamid Algar

 

Leugen 9:

 opeens verandert de ”un” vorm die staat voor meervoudig bij vrouwen tot ”um” mannelijke vorm bij al ayah 33

Wat de Rafidi/Shi’a hiermee probeert te zeggen is, dat bij vers 33:33 de  aanspreekvorm veranderd naar mannelijk, en dat de rede is dat het niet meer over vrouwen gaat.

Een Arabisch sprekend persoon zou in eerste instantie nooit betwisten dat een vrouw, de ahl van een man is. Ten tweede, zou een geletterd persoon nooit een dergelijk argument naar voren halen, mits hij/zij de grammatica van de Arabische taal beheerst.

Een soortgelijk vers waar de aaspreekvorm veranderd:

Surah Hud aya 72-73:

قَالَتْ يَا وَيْلَتَىٰ أَأَلِدُ وَأَنَا عَجُوزٌ وَهَٰذَا بَعْلِي شَيْخًا ۖ إِنَّ هَٰذَا لَشَيْءٌ عَجِيبٌ

قَالُوا أَتَعْجَبِينَ مِنْ أَمْرِ اللَّهِ ۖ رَحْمَتُ اللَّهِ وَبَرَكَاتُهُ عَلَيْكُمْ أَهْلَ الْبَيْتِ ۚ إِنَّهُ حَمِيدٌ مَّجِيدٌ

Aanspreekvorm in het begin, –> Vrouwelijk, ref. het woord:

ataʿjabīna

INTG – prefixed interrogative alif
V – 2nd person feminine singular imperfect verb
الهمزة همزة استفهام
فعل مضارع
online: http://corpus.quran.com/wordbyword.jsp?chapter=11&verse=73

En in dezelfde aya veranderd dit, terwijl het nog steeds over de vrouw van Ibraheem alayhi salaam gaat:

Het veranderd in mannelijk meervoud in dezelfde aya:

(11:73:9)
ʿalaykum
(be) upon you,
P – preposition
PRON – 2nd person masculine plural object pronoun
جار ومجرور
online: http://corpus.quran.com/wordbyword.jsp?chapter=11&verse=73

Hetzelfde geldt voor aya 33:33:
وَقَرْنَ فِي بُيُوتِكُنَّ وَلَا تَبَرَّجْنَ تَبَرُّجَ الْجَاهِلِيَّةِ الْأُولَى وَأَقِمْنَ الصَّلَاةَ وَآَتِينَ الزَّكَاةَ وَأَطِعْنَ اللَّهَ وَرَسُولَهُ إِنَّمَا يُرِيدُ اللَّهُ لِيُذْهِبَ عَنْكُمُ الرِّجْسَ أَهْلَ الْبَيْتِ وَيُطَهِّرَكُمْ تَطْهِيرًا

 

Door de vrouwen van de Profeet sallalahu aleyhi wasallam geen Ahl al Bayt te noemen, is dat in directe tegenspraak met meerdere ayaat uit de Qur’aan en meerdere authentieke overleveringen.

 

In het Arabisch heb je ”ism jam’a” /meervoud. de Collectivum/collectiva is een zelfstandig naamwoord. Deze kunnen als enkelvoud worden gezien, afhangend van hun vorm, en ze kunnen een meervoud aanduiden afhangend van de betekenis.

Het woord Ahl al Bayt is geen gewoon zelfstandig naamwoord, noch is diens gebruik zoals dat van een collectief zelfstandig naamwoord,

Als een groep geadresseerd wordt hiermee, ongeacht geslacht of het aantal, zal het voornaamwoord, meervoud/mannelijk zijn. De voornaamwoorden i.c.m. collectief zelfstandig naamwoord, hangen niet af van het geslacht of het aantal mensen waarnaar gerefereerd wordt.

En zoals eerder aangegeven, spreekt Allah de vrouw van Ibraheem Alayhisalaam aan met Alaykum i.p.v. alayki. Terwijl zij alleen werd aangesproken en 1 vrouw was. Dit bevestigd nogmaals dit punt.

Hetzelfde is het geval met deze aya

وَحَرَّمْنَا عَلَيْهِ الْمَرَاضِعَ مِن قَبْلُ فَقَالَتْ هَلْ أَدُلُّكُمْ عَلَى أَهْلِ بَيْتٍ يَكْفُلُونَهُ لَكُمْ وَهُمْ لَهُ نَاصِحُونَ

Qur’aan 28/12

Het mannelijke vorm is gebruikt om 1 vrouw aan te duiden, (de moeder van Musa alayhi salam). Dit nullificeert tevens de claim, waarom voor de vrouwen van de Profeet in Surah Ahzaab het mannelijke woord is gebruikt, (als ahl ul sunnah claimt het dat enkel over de vrouwen ging). Dan rijst de vraag, waarom is het mannelijke woord gebruikt voor Sarah? Voor de moeder van Musa en elders in d Qur’aan om enkel 1 vrouw mee aan te duiden?

Het woord:

‘يَكْفُلُونَهُ’ (mannelijk)

en ‘وَهُمْ’ (meervoud/mannelijk voornaamwoord)

Voor het woord ahlelbayt, om 1 vrouw mee te adresseren.

Allah zegt in de Qur’aan:

قَالُواْ أَتَعْجَبِينَ مِنْ أَمْرِ اللّهِ رَحْمَتُ اللّهِ وَبَرَكَاتُهُ عَلَيْكُمْ أَهْلَ الْبَيْتِ إِنَّهُ حَمِيدٌ مَّجِيدٌ

72. Zij zeide: “O wonder! Zal ik een kind baren nu ik een oude vrouw ben en deze mijn echtgenoot een oude man is? Dit is inderdaad iets wonderbaarlijks.”

73. Zij zeiden: “Verwondert gij u over Allah’s gebod? De barmhartigheid van Allah en Zijn zegeningen zijn over u, o bewoners van dit huis. Voorzeker, Hij is Geprezen, Glorierijk.”

Qur’aan 11:72/73

Allah adresseert enkel 1 vrouw, de vrouw van Ibraheem alayhisalaam, noemt haar Ahl al Bayt (hetgeen ook een bewijs is dat vrouwen tot de ahl al bayt horen), en Allah gebruikt het mannelijke vorm, namelijk:

عَلَيْكُمْ أَهْلَ الْبَيْتِ

”Aleykum Ahl al Bayt”

Dat is de correcte vorm in de lugha en grammatica, anders zou er staan ”Salam Alayki”.

 

Achtte de Profeet sallalahu aleyhi wasallam zijn vrouwen als zijn ahl al bayt?

Als eerst behandelen we authentieke versies van de overleveringen zonder dat rawafid daarin hebben geloven over het incident van de mantel en dat de Profeet sallalahu aleyhi wasallam duaa maakte voor zijn dochter, en haar gezin moge Allah tevreden met hen zijn.

 

Overgeleverd door Al Baghawi , in zijn Tafsir al Baghawi. Overlevering: Umm Salamah, classificatie: Sahih.
أخبرنا أبو سعيد أحمد بن محمد الحميدي ، أخبرنا عبد الله الحافظ ، أخبرنا أبو العباس محمد بن يعقوب حدثنا الحسن بن مكرم ، أخبرنا عثمان بن عمر ، حدثنا عبد الرحمن بن عبد الله بن دينار ، عن شريك بن أبي نمر ، عن عطاء بن يسار ، عن أم سلمة قالت : في بيتي أنزلت : ( إنما يريد الله ليذهب عنكم الرجس أهل البيت ) قالت : فأرسل رسول الله – صلى الله عليه وسلم – إلى فاطمة وعلي والحسن والحسين ، فقال ” هؤلاء أهل بيتي ” ، قالت : فقلت يا رسول الله أما أنا من أهل البيت ؟ قال : ” بلى إن شاء الله ” .

قال زيد بن أرقم : أهل بيته من حرم الصدقة عليه بعده ، آل علي وآل عقيل وآل جعفر وآل عباس

 

http://www.islamweb.net/newlibrary/display_book.php?flag=1&bk_no=51&ID=1456

Vertaling:

(Dezelfde Matn als de bovenstaande)

Umm Salamah heeft gezegd: ”In mijn huis zijn deze verzen geopenbaard ”…O huisgenoten, Allah wenst alleen onreinheid van u te verwijderen, en u schoon en zuiver te maken. … De Profeet riep Fatimah, Ali, Hassan en Hussayn en zei ”Dit zijn Ahly” Ik zei ” O boodschapper van Allah, behoor ik niet tot jouw Ahl al Bayt? Hij zei ”Jawel, insha allah ta’ala’

 

Een tweede overlevering:
في بيتي أنزلت : ? إنما يريد الله ليذهب عنكم الرجس أهل البيت ويطهركم تطهيرا ? قالت : فأرسل رسول الله صلى الله عليه وسلم إلى فاطمة وعلي والحسن والحسين ، فقال : هؤلاء أهل بيتي ، وفي حديث القاضي والسمي : هؤلاء أهلي ، قالت : فقلت : يا رسول الله ! أما أنا من أهل البيت ؟ قال : بلى إن شاء الله تعالى
الراوي: أم سلمة المحدث: الحاكم – المصدر: السنن الكبرى للبيهقي – الصفحة أو الرقم: 2/150
خلاصة حكم المحدث: صحيح سنده ثقات رواته

De Profeet sallalahu aleyhi wasallam antwoordde met ”Balaa Insha Allah Ta’ala” ”بلى إن شاء الله تعالى”

Al Bayhaqi in Sunan Al Kubra,
De Keten is Sahih, alle overleveraars zijn betrouwbaar.

Dit is de keten van overleveraars:

أخبرنا أبو عبد الله الحافظ غير مرة، وأبو عبد الرحمن محمد بن الحسين السلمي من أصله وأبو بكر أحمد بن الحسن القاضي قالوا: ثنا أبو العباس محمد بن يعقوب، ثنا الحسن بن مكرم، ثنا عثمان بن عمر، ثنا عبد الرحمن بن عبد الله بن دينار، عن شريك بن أبي نمر، عن عطاء بن يسار، عن أم سلمة قالت

 

Een derde overlevering:

De Profeet sallalahu aleyhi wa ahlihi wasallam noemde Aishah radiallahu anha zijn Ahl al Bayt,

قال أنس: وشهدت وليمة زينب. فأشبع الناس خبزا ولحما. وكان يبعثني فأدعوا الناس. فلما فرغ قام وتبعته. فتخلف رجلان استأنس بهما الحديث. لم يخرجا. فجعل يمر على نسائه. فيسلم على كل واحدة منهن “سلام عليكم. كيف أنتم يا أهل البيت؟” فيقولون: بخير. يا رسول الله ! كيف وجدت أهلك ؟ فيقول “بخير

Dus

”كيف أنتم يا أهل البيت”

Sahih Muslim #3328

En hetzelfde is te lezen in Sahih al Bukhari, Muttafaqun Allayh dus:

”Salam Aleykom, Kayfa Antum yaa ahlal Bayt”

En we kennen allemaal de riwaya dat Jibriel alayhisalaam neerdaalde en de vrouw van de profeet, Khadeejah ra groette en zij antwoordde ”Wa Aleykum Salam Warahmatullah” En vervolgens zei de Profeet: ”Jibriel zei, de zegeningen van Allah zij op jou, o Ahl al Bayt”

أن رسول الله صلى الله عليه وسلم قال لها يا عائشة هذا جبريل يقرأ عليك السلام فقلت وعليك السلام ورحمة الله وبركاته وذهبت تزيد فقال النبي صلى الله عليه وسلم إلى هذا انتهى السلام فقال رحمة الله وبركاته عليكم أهل البيت
الراوي: عائشة المحدث: الهيثمي – المصدر: مجمع الزوائد – لصفحة أو
خلاصة حكم المحدث: رجاله رجال الصحيح

Bron: Majmu al Zawaa’id (Al Haytami)
Authenticiteit: Sahih
ONLINE: http://www.islamweb.net/newlibrary/display_book.php?flag=1&bk_no=87&ID=12875

Jibriel noemt de vrouw van de Profeet zijn ahl al bayt, maar de shia doen dat niet?

Sterker nog, Allah rekent de vrouwen van de Profeten tot de Ahl al Bayt:

“Qâlat Yâ WaylatâA’alidu Wa Anâ `Ajûzun Wa Hadhâ Ba`lî Shaykhâan Inna Hâdhâ Lashayun `Ajîbun. Qâlû Ata`jabîna Min Amri Allâhi Ramatu Allâhi Wa Barakâtuhu `Alaykum AHLUL BAYT-i Innahu amîdun Majîdun.” (Quran, 11:72-73)

Dit ging om de vrouw van Ibraheem alayhisalaam, Sarah.
قال أنس: وشهدت وليمة زينب. فأشبع الناس خبزا ولحما. وكان يبعثني فأدعوا الناس. فلما فرغ قام وتبعته. فتخلف رجلان استأنس بهما الحديث. لم يخرجا. فجعل يمر على نسائه. فيسلم على كل واحدة منهن “سلام عليكم. كيف أنتم يا أهل البيت؟” فيقولون: بخير. يا رسول الله ! كيف وجدت أهلك ؟ فيقول “بخير” فلما فرغ رجع ورجعت معه. فلما بلغ الباب إذا هو بالرجلين قد استأنس بهما الحديث. فلما رأياه قد رجع قاما فخرجا. فوالله ! ما أدري أنا أخبرته أم أنزل عليه الوحي بأنهما قد خرجا. فرجع ورجعت معه. فلما وضع رجله في أسكفة الباب أرخى الحجاب بيني وبينه. وأنزل الله تعالى هذه الآية: {لا تدخلوا بيوت النبي إلا أن يؤذن لكم} [33 /الأحزاب/ الآية 53] الآية http://hadith.al-islam.com/Display/D…Doc=1&Rec=3288

 

35 – (1995) وحدثنا زهير بن حرب وإسحاق بن إبراهيم. كلاهما عن جرير. قال زهير: حدثنا جرير عن منصور، عن إبراهيم. قال:
قلت للأسود: هل سألت أم المؤمنين عما يكره أن ينتبذ فيه؟ قال: نعم. قلت: يا أم المؤمنين! أخبريني عما نهى عنه رسول الله صلى الله عليه وسلم أن ينتبذ فيه. قالت: نهانا، أهل البيت، أن ننتبذ في الدباء والمزفت
http://hadith.al-islam.com/Display/D…Doc=1&Rec=4760

 

Het is te lezen in Sahih al Bukhari, #274 dat de Profeet sallalahu aleyhi wasallam zei:

وهو على المنبر: (يامعشر المسلمين، من يعذرني من رجل قد بلغني أذاه في أهل بيتي، فوالله ما علمت على أهلي إلا خيرا، ولقد ذكروا رجلا ما علمت عليه إلا خيرا، وما كان يدخل على أهلي إلا معي

 

‘’De Profeet sallalahu aleyhi wasallam stond op en richtte zich tot de Muslims en vroeg naar iemand om wraak te nemen op Abdullah ibn Ubay ibn Salul, en hij zei ‘’O Muslims, Wie helpt mij tegen een man die mij pijn heeft gedaan door mijn Ahl Bayt te lasteren? [Aishah ra], ‘’Bij Allah, ik weet niets dan goeds over mijn Ahl Bayt, en mensen hebben een man beschuldigd waarvan ik niets dan goeds weet en hij bezocht mijn familie nooit behalve met mij’’.

Dit gaat over het incident van Al Ifk, waarin een munaafiq de vrouw van de profeet sallalahu aleyhi wasallam lasterde. Precies wat de Shi’a vandaag de dag doen.
فقام رسول الله صلى الله عليه وسلم فاستعذر يومئذ من عبد الله بن أبي ابن سلول، فقالت: فقال رسول الله صلى الله عليه وسلم وهو على المنبر: (يامعشر المسلمين، من يعذرني من رجل قد بلغني أذاه في أهل بيتي، فوالله ما علمت على أهلي إلا خيرا، ولقد ذكروا رجلا ما علمت عليه إلا خيرا، وما كان يدخل على أهلي إلا معي) http://hadith.al-islam.com/Display/D…Doc=0&Rec=6951

 

De Shi’a vallen de vrouwen, de eer van de Profeet sallalahu aleyhi wasallam aan door hen te lasteren en te vervloeken, wat onderdeel is van de Shi’itische credo – concept van Tabarrah.

 

Een volgende overlevering is die van Wasila ibn Atqa ra gedurende het incident van al Kisa [de mantel].Overlevering in Tafsir at Tabari:

حدثنـي عبد الأعلـى بن واصل، قال: ثنا الفضل بن دكين، قال: ثنا عبد السلام بن حرب، عن كلثوم الـمـحاربـي، عن أبـي عمار، قال: إنـي لـجالس عند واثلة بن الأسقع إذ ذكروا علـيا رضي الله عنه، فشتـموه فلـما قاموا، قال: اجلس حتـى أخبرك عن هذا الذي شتـموا، إنـي عند رسول الله صلى الله عليه وسلم، إذ جاءه علـيّ وفـاطمة وحسن وحسين، فألقـى علـيهم كساء له، ثم قال: ” اللَّهُمَّ هَؤُلاءِ أهْلُ بَـيْتِـي، اللَّهُمَّ أذْهِبْ عَنْهُمُ الرّجْسَ وَطَهِّرْهُمْ تَطْهيراً ” قلت: يا رسول الله وأنا؟ قال: ” وأنْتَ ” قال: فوالله إنها لأوثق عملـي عندي.

Wasila ibn Atqa radiallahu anha vroeg de ProfeeT: ‘’En ik ook [van je Ahl al Bayt]? De Profeet sallalahu aleyhi wasallam zei : En jij ook’’.

Overlevering: Tafsir at Tabari

Graad: Authentiek

 

Een tweede route van de Hadith, eveneens in Tafsir at Tabari:

حدثنـي عبد الكريـم بن أبـي عمير، قال: ثنا الولـيد بن مسلـم، قال: ثنا أبو عمرو، قال: ثنـي شدّاد أبو عمار قال: سمعت واثلة بن الأسقع يحدّث، قال: سألت عن علـيّ بن أبـي طالب فـي منزله، فقالت فـاطمة: قد ذهب يأتـي برسول الله صلى الله عليه وسلم، إذ جاء، فدخـل رسول الله صلى الله عليه وسلم ودخـلت، فجلس رسول الله صلى الله عليه وسلم علـى الفراش وأجلس فـاطمة عن يـمينه، وعلـياً عن يساره وحسناً وحسيناً بـين يديه، فلفع علـيهم بثوبه وقال: ” { إنَّـمَا يُرِيدُ اللَّهُ لِـيُذْهِبَ عَنْكُمُ الرّجْسَ أهْلَ البَـيْتِ وَيُطَهِّرَكُمْ تَطْهِيراً } اللَّهُمَّ هَؤلاءِ أهْلـي، اللَّهُمَّ أهْلـي أحَقُّ ” قال واثلة: فقلت من ناحية البـيت: وأنا يا رسول الله من أهلك؟ قال: ” وأنت من أهلـي ” ، قال واثلة: إنها لـمن أَرْجَى ما أرتـجي.

 

‘’Wasila (ra) vroeg, en de Profeet sallalahu aleyhi wasallam zei ‘’Jij bent van mijn Ahl’’ [Ahly]. وأنت من أهلـي

 

Ibn Hajar al Haytami heeft deze overleveringen sahih verklaard in ‘’Sawaa’iq/2,#423’’

وفي رواية صحيحة قال واثلة وأنا من أهلك قال وأنت من أهلي قال واثلة إنها لمن أرجى ما أرجو

 

Hetzelfde incident, waarover de Shi’a bedriegers en manipuleerders hebben gelogen, is eveneens authentiek overgeleverd in Sahih Ibn Hibban en authentiek verklaard door Shu3ayb Arnaout rahimahullah:

6976 – أخبرنا عبد الله بن محمد بن سلم حدثنا عبد الرحمن بن إبراهيم حدثنا الوليد بن مسلم و عمر بن عبد الواحد قالا : حدثنا الأوزاعي عن شداد أبي عمار : عن واثلة بن الأسقع قال : سألت عن علي في منزله فقيل لي : ذهب يأتي برسول الله صلى الله عليه و سلم إذ جاء فدخل رسول الله صلى الله عليه و سلم ودخلت فجلس رسول الله صلى الله عليه و سلم على الفراش وأجلس فاطمة عن يمينه و عليا عن يساره و حسنا وحسينا بين يديه وقال : ( { إنما يريد الله ليذهب عنكم الرجس أهل البيت ويطهركم تطهيرا } [ الأحزاب : 33 ] اللهم هؤلاء أهلي ) قال واثلة : فقلت من ناحية البيت : وأنا يارسول الله من أهلك ؟ قال : ( وأنت من أهلي ) قال واثلة : إنها لمن أرجى ما أرتجي

قال شعيب الأرنؤوط : إسناده صحيح

 

‘’Umm Salamah vroeg of ze ook behoorde tot de Ahl al Bayt, en de Profeet sallalahu aleyhi wasallam zei ‘’Jij bent van mijn Ahl ( وأنت من أهلي’’

 

En nog een authentieke overlevering in Tafsir at Tabari:

حدثنا أبو كريب، قال: ثنا خالد بن مخـلد، قال: ثنا موسى بن يعقوب، قال: ثنـي هاشم بن هاشم بن عتبة بن أبـي وقاص، عن عبد الله بن وهب بن زمعة، قال: أخبرتنـي أمّ سلـمة أن رسول الله صلى الله عليه وسلم جمع علـياً والـحَسنـين، ثم أدخـلهم تـحت ثوبه، ثم جأر إلـى الله، ثم قال: ” هؤلاء أهل بـيتـي، فقالت أمّ سلـمة: يا رسول الله أدخـلنـي معهم، قال: ” إنَّكِ مِنْ أهْلِـي

En hetzelfde is overgeleverd in Tafsir al Kabir, dat de Profeet sallalahu aleyhi wasallam tegen zijn vrouw zei dat ze tot zijn Ahl al Bayt behoorde.

2663 – حدثنا بكر بن سهل الدمياطي ثنا جعفر بن مسافر التنيسي ثنا ابن أبي فديك ثنا موسى بن يعقوب الزمعي عن هشام بن هاشم عن وهب بن عبد الله بن زمعة : عن أم سلمة أن رسول الله صلى الله عليه و سلم جمع فاطمة و حسنا و حسينا رضي الله عنهما ثم أدخلهم تحت ثوبه ثم قال : اللهم هؤلاء أهل بيتي قالت أم سلمة : قلت يا رسول الله أدخلني معهم قال : إنك من أهلي

 

 

Voor iets wat de Shi’a grootgeleerde, Ayatullah Kho’i heeft getuigt in zijn Sirat al-Najat, by p. 426, namelijk dat de vrouw tot de Ahl al Bayt van een man behoort, gaan de Shi’a muqallidin van valse internet sites erg ver om koste wat het kost valsheid te verspreiden. En daartoe zijn en zullen ze niet in staat zijn bi idnillah.

 

 

 

De poging van de shia om te bewijzen dat vanuit ‘soennitisch perspectief’ de vrouwen geen onderdeel zijn van ahlu bayt:

 

De shi’iten komen met de hadith van Zayd ibn Arqam waarin staat dat de vrouwen van de profeet geen onderdeel zijn van ahlu bayt, waardoor het lijkt dat Zayd ibn Arqam van mening was dat de vrouwen van de profeet geen onderdeel zijn van zijn familie. Echter zal eenieder na kort onderzoek tot de conclusie komen dat andere versies van dezelfde hadith duidelijk uitleggen wat Zayd ibn Arqam bedoelde. Door te kijken naar de andere versies van het woordgebruik zien we de ware betekenis van wat Zayd ibn Arqam bedoelde.

 

De hadith die aangehaald word door de shi’iten is:

 

Yazid b. Hayyan reported:

 

“We went to him (Zaid b. Arqam) and said to him. You have found goodness (for you had the honour) to live in the company of Allah’s Messenger (ﷺ) and offered prayer behind him, and the rest of the hadith is the same but with this variation of wording that lie said: Behold, for I am leaving amongst you two weighty things, one of which is the Book of Allah, the Exalted and Glorious, and that is the rope of Allah. He who holds it fast would be on right guidance and he who abandons it would be in error, and in this (hadith) these words are also found: We said: Who are amongst the members of the household? Aren’t the wives (of the Holy Prophet) included amongst the members of his house hold? Thereupon he said: No, by Allah, a woman lives with a man (as his wife) for a certain period; he then divorces her and she goes back to her parents and to her people; the members of his household include his ownself and his kith and kin (who are related to him by blood) and for him the acceptance of Zakat is prohibited.”

 

– Sahih Muslim, Boek 31, Hoofdstuk 4, Hadith-5923

http://www.sunnah.com/muslim/44/58

 

Deze hadith is een samenvatting van de originele hadith (namelijk Hadith-5920) maar met een aantal andere woorden van andere overleveraars. Als we kijken na de originele, volledige hadith dan lezen we:

 

Yazid b. Hayyan reported, I went along with Husain b. Sabra and ‘Umar b. Muslim to Zaid b. Arqam and, as we sat by his side, Husain said to him:

 

“Zaid. you have been able to acquire a great virtue that you saw Allah’s Messenger (ﷺ) listened to his talk, fought by his side in (different) battles, offered prayer behind me. Zaid, you have in fact earned a great virtue. Zaid, narrate to us what you heard from Allah’s Messenger (ﷺ). He said: I have grown old and have almost spent my age and I have forgotten some of the things which I remembered in connection with Allah’s Messenger (ﷺ), so accept whatever I narrate to you, and which I do not narrate do not compel me to do that. He then said: One day Allah’s Messenger (ﷺ) stood up to deliver sermon at a watering place known as Khumm situated between Mecca and Medina. He praised Allah, extolled Him and delivered the sermon and. exhorted (us) and said: Now to our purpose. O people, I am a human being. I am about to receive a messenger (the angel of death) from my Lord and I, in response to Allah’s call, (would bid good-bye to you), but I am leaving among you two weighty things: the one being the Book of Allah in which there is right guidance and light, so hold fast to the Book of Allah and adhere to it. He exhorted (us) (to hold fast) to the Book of Allah and then said: The second are the members of my household I remind you (of your duties) to the members of my family. He (Husain) said to Zaid: Who are the members of his household? Aren’t his wives the members of his family? Thereupon he said: His wives are the members of his family (but here) the members of his family are those for whom acceptance of Zakat is forbidden. And he said: Who are they? Thereupon he said: ‘Ali and the offspring of ‘Ali, ‘Aqil and the offspring of ‘Aqil and the offspring of Ja’far and the offspring of ‘Abbas. Husain said: These are those for whom the acceptance of Zakat is forbidden. Zaid said: Yes.”

 

– Sahih Muslim, Boek 31, Hoofdstuk 4, Hadith-5920

http://www.sunnah.com/muslim/44/55

 

De context van ahlu bayt in deze context zijn degenen voor wie het verboden is om de zakaah aan te nemen. Daarom vallen de vrouwen in deze context niet onder ahlu bayt, omdat er consensus is onder ahlu sunnah dat de vrouwen van de profeet zakaah mogen aannemen (Ibn Hajar verzamelde de consensus hierover in zijn fath al-bari).

 

Ook Imaam Nawawi geeft commentaar waarin hij de juiste context in kaart brengt waarin hij zegt:

 

“In terms of standing, respect, rights and high regard preached by the Prophet (Allah bless him and grant him peace) towards his family, the wives do indeed enter . However, they do not enter into those for whom zakat is forbidden.”

 

En als klap op de vuurpijl is er nog een hadith te vinden in Sahih al-Bukhari waar de profeet zelf zijn vrouwen ahlu bayt noemt. Dus zelfs als Zayd ibn Arqam van mening zou zijn geweest dat de vrouwen geen onderdeel waren, dan zou dat niks wegen tegenover 1) de Qur’aan 33:33, en 2) de woorden van de profeet zelf.

 

عَنْ أَنَسٍ ـ رضى الله عنه ـ قَالَ بُنِيَ عَلَى النَّبِيِّ صلى الله عليه وسلم بِزَيْنَبَ ابْنَةِ جَحْشٍ بِخُبْزٍ وَلَحْمٍ فَأُرْسِلْتُ عَلَى الطَّعَامِ دَاعِيًا فَيَجِيءُ قَوْمٌ فَيَأْكُلُونَ وَيَخْرُجُونَ، ثُمَّ يَجِيءُ قَوْمٌ فَيَأْكُلُونَ وَيَخْرُجُونَ، فَدَعَوْتُ حَتَّى مَا أَجِدُ أَحَدًا أَدْعُو فَقُلْتُ يَا نَبِيَّ اللَّهِ مَا أَجِدُ أَحَدًا أَدْعُوهُ قَالَ ارْفَعُوا طَعَامَكُمْ، وَبَقِيَ ثَلاَثَةُ رَهْطٍ يَتَحَدَّثُونَ فِي الْبَيْتِ، فَخَرَجَ النَّبِيُّ صلى الله عليه وسلم فَانْطَلَقَ إِلَى حُجْرَةِ عَائِشَةَ فَقَالَ ” السَّلاَمُ عَلَيْكُمْ أَهْلَ الْبَيْتِ وَرَحْمَةُ اللَّهِ “. فَقَالَتْ وَعَلَيْكَ السَّلاَمُ وَرَحْمَةُ اللَّهِ، كَيْفَ وَجَدْتَ أَهْلَكَ بَارَكَ اللَّهُ لَكَ فَتَقَرَّى حُجَرَ نِسَائِهِ كُلِّهِنَّ، يَقُولُ لَهُنَّ كَمَا يَقُولُ لِعَائِشَةَ، وَيَقُلْنَ لَهُ كَمَا قَالَتْ عَائِشَةُ

 

Narrated Anas:

 

A banquet of bread and meat was held on the occasion of the marriage of the Prophet (ﷺ) to Zainab bint Jahsh. I was sent to invite the people (to the banquet), and so the people started coming (in groups); They would eat and then leave. Another batch would come, eat and leave. So I kept on inviting the people till I found nobody to invite. Then I said, “O Allah’s Prophet! I do not find anybody to invite.” He said, “Carry away the remaining food.” Then a batch of three persons stayed in the house chatting. The Prophet (ﷺ) left and went towards the dwelling place of Aisha and said, “Peace and Allah’s Mercy be on you, O the people of the house!” She replied, “Peace and the mercy of Allah be on you too. How did you find your wife? May Allah bless you. Then he went to the dwelling places of all his other wives and said to them the same as he said to Aisha and they said to him the same as Aisha had said to him.

 

Sahih Al-Bukhari, Vol. 6, Book 60, Hadith 316

http://www.sunnah.com/urn/44710

 

Aanvullend bewijs dat ahlu bayt in 33:33 zeker de vrouwen van de profeet omvatten:

 

وَامْرَأَتُهُ قَائِمَةٌ فَضَحِكَتْ فَبَشَّرْنَاهَا بِإِسْحَاقَ وَمِن وَرَاءِ إِسْحَاقَ يَعْقُوبَ

قَالَتْ يَا وَيْلَتَىٰ أَأَلِدُ وَأَنَا عَجُوزٌ وَهَٰذَا بَعْلِي شَيْخًا ۖ إِنَّ هَٰذَا لَشَيْءٌ عَجِيبٌ

قَالُوا أَتَعْجَبِينَ مِنْ أَمْرِ اللَّهِ ۖ رَحْمَتُ اللَّهِ وَبَرَكَاتُهُ عَلَيْكُمْ أَهْلَ الْبَيْتِ ۚ إِنَّهُ حَمِيدٌ مَّجِيدٌ

 

“En zijn vrouw stond en zij lachte, daarna verkondigden wij haar een verheugende tijding over (de geboorte van) Ishaaq en na Ishaaq Ya’qoeb. Zij zei: “Ween mij, zal ik een kind baren, terwijl ik een oude vrouw ben, en deze echtgenoot van mij is een oude man. Voorwaar, dat is zeker iets verbazingwekkends.” Zij (de engelen) zeiden: “Verbaas jij je over de beschikking van Allah? Allah’s barmhartigheid en Zijn zegeningen zij met jullie, O bewoners van het huis (ahla Bayt). Voorwaar Hij is meest prijzenswaardig, meest vrijgevig.” 11:71-73

 

De engelen spreken tot de vrouw van Ibrahim, “Verbaas jij je over de beschikking van Allah? Allah’s barmhartigheid en Zijn zegeningen zij met jullie, O bewoners van het huis (ahla Bayt).” Zij noemen Ibrahim samen met zijn vrouw ahlu bayt.

 

 

 

Concluderend:

–          De Shi’a zijn gewend valse, zwakke en verzonnen overleveringen te gebruiken om hun valse en kromme credo dusdanig mee te verkondigen.

–          De context en de verzen van Surah Ahzaab 33:33, inclusief de voorgaande verzen gaan over de vrouwen van de Profeet sallalahu aleyhi wasallam.

–          De vrouwen behoren tot de Ahl al Bayt van de Profeet sallalahu aleyhi wasallam volgens de talloze verzen van de Edele Qur’an.

–          De vrouwen behoren tot de Ahl al Bayt van de Profeet sallalahu aleyhi wasallam volgens de talloze sahih overleveringen uit de Sunnah.

–          De Shi’a grootgeleerden hebben gezegd dat de Qur’an corrupt is en dat deze vers 33:33 daartussen is geplaatst zodat het zou lijken dat het over de vrouwen van de Profeet ging. Dit is nogmaals een bevestiging zoals we hebben kunnen lezen, dat de fundamentele geleerden van het Shi’isme geen vertrouwen hebben op het boek van Allah, en achten Allah subhana wa ta’ala niet in staat om zijn boek veilig te stellen zoals hij over de zeven hemelen deed neerdalen:

 

إِنَّا نَحْنُ نَزَّلْنَا الذِّكْرَ وَإِنَّا لَهُ لَحَافِظُونَ

15:9 Voorwaar, Wij zijn het Die de Vermaning (de Kuran) hebben neergezonden. En voorwaar, Wij zijn daarover zeker de Wakers (Surah al Hijr).

 

Moge Allah de Shi’a leiden naar de Siraat al Mustaqim, waarop de Profeet sallalahu aleyhi wasallam, zijn Ahl al Bayt en Sahaba zich op bevonden. Radiallahu anhum ajma3in.

 

 

Zie ook:
Onfeilbaarheid ontkracht: 33:33 maakt niemand onfeilbaar!

No Comments

Trackbacks/Pingbacks

  1. Overleveringen van de Ahlalbayt in Soennitische Hadith-boeken. | Sjiieten-ONTMASKERD - […] maakten veel leden deel uit van de “Ahlalbayt”, oftewel leden van het huis, waaronder de Vrouwen van de Profeet.…
  2. Aicha een slechte vrouw? “Goede mannen voor goede vrouwen!” | Sjiieten-ONTMASKERD - […] Helaas maken veel sjiieten zich (ongemerkt) schuldig aan het lasteren van de vrouwen van de Profeet. Weet, beste lezer,…
  3. Hopeloze sjiieten vallen via Facebook soennitische meisjes lastig. | Sjiieten-ONTMASKERD - […] er “geen verschillen zijn” tussen soennieten en sjiieten, en dat hij (en de sjiieten) Aïcha (de vrouw van de…

Leave a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *